Toepassen en ontwerpen van opkomende technologie in de zorg
Technologie speelt een steeds grotere rol in de (para)medische praktijk.
Er ontstaan nieuwe mogelijkheden om mensen en professionals te ondersteunen.
Binnen het lectoraat “Toepassen en Ontwerpen van opkomende Technologie in de Zorg” (TOTZo) onderzoeken we samen met de praktijk hoe opkomende technologie, die zich nog in een relatief vroeg ontwikkel- en toepassingsstadium bevindt, op een verantwoorde en waardevolle manier kan worden ontwikkeld en toegepast.
Maatschappelijke opgave
De zorg staat voor grote uitdagingen. We zien een groeiende groep mensen met langdurige of terugkerende zorgvragen, terwijl er tegelijk tekorten zijn aan zorgprofessionals. Ook verschuift zorg steeds vaker van instellingen naar de eigen leefomgeving, zodat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen wonen en mee kunnen blijven doen in het dagelijks leven. Technologie kan helpen om met die veranderingen om te gaan. Denk aan digitale toepassingen zoals apps, sensoren, data, kunstmatige intelligentie en andere opkomende technologieën. Tegelijkertijd zien we dat veel veelbelovende technologie de zorgpraktijk niet bereikt of daar minder waardevol blijkt dan vooraf gedacht. Dat komt vaak niet doordat de technologie niet werkt, maar doordat zij onvoldoende aansluit bij mensen, werkprocessen, verantwoordelijkheden en context. Juist daarom moeten we technologie al tijdens de ontwikkeling samen met de praktijk onderzoeken. Want in die fase worden keuzes gemaakt die later bepalen of technologie bruikbaar, begrijpelijk, verantwoord en waardevol wordt.
Samen werken aan zorgtechnologie die echt helpt
We onderzoeken hoe nieuwe technologie van waarde kan zijn voor mensen met langdurige of terugkerende zorgvragen en voor de professionals die hen ondersteunen. Daarbij richten we ons op technologie die technisch al werkt, maar nog niet klaar is voor gebruik in de dagelijkse zorgpraktijk.
Juist in deze tussenfase kijken we welke keuzes in ontwerp, ontwikkeling en toepassing nodig zijn om technologie veilig, bruikbaar en waardevol te maken voor de zorg. Dat doen we in leergemeenschappen waarin zorgprofessionals, cliënten, bedrijven, kennispartners, docent-onderzoekers en studenten samen werken aan innovatie met impact.
Technologie ontwikkelen met oog voor mens en praktijk
In ons onderzoek brengen we kennis samen uit zorg en gezondheid, technologieontwikkeling en juridische vraagstukken. Daarbij werken we steeds vanuit drie perspectieven: inzicht, technologie en context.
We onderzoeken wat cliënten en professionals nodig hebben, hoe technologie daarop kan aansluiten en wat nodig is om technologie verantwoord en praktisch toepasbaar te maken in de zorg. Zo verbinden we technologische innovatie met de dagelijkse praktijk, zodat nieuwe oplossingen echt van waarde zijn voor mensen en professionals.
We onderzoeken wat mensen nodig hebben om goed te functioneren, te herstellen en te participeren, en welke rol technologie (inclusief data) daarbij kan spelen. Daarbij brengen we de behoeften, ervaringen en doelen van patiënten en (in)formele zorgverleners in kaart. Ook onderzoeken we hoe technologie hierop kan aansluiten, met aandacht voor de werking en bruikbaarheid ervan in relatie tot de ondersteuningsvraag en de context van de gebruiker. De inzichten die hieruit voortkomen vormen de basis voor het ontwerp en de toepassing binnen de andere perspectieven (Technologie en Context).
We onderzoeken hoe technologische oplossingen kunnen worden (her)ontworpen, toegepast en doorontwikkeld zodat ze waarde toevoegen in de paramedische praktijk. We werken daarbij ontwerpgericht en iteratief, in co-creatie met cliënten, studenten, (in)formele zorgverleners en bedrijven. In de projecten ontstaan prototypes die worden getest op bruikbaarheid en passendheid in de zorgcontext. De kennis die dit oplevert, gebruiken we om ontwerpprincipes en richtlijnen te ontwikkelen voor de inzet van technologie in de zorg.
We onderzoeken hoe technologie duurzaam onderdeel kan worden van de dagelijkse beroepspraktijk. We kijken naar hoe gebruikers zoals (in)formele zorgverleners, cliënten en mantelzorgers technologie gebruiken, welke vaardigheden en leerprocessen daarbij nodig zijn, en wat helpt of belemmert bij implementatie en normalisatie in de praktijk.
Onderzoek in leergemeenschappen
Die verbinding met de praktijk is ook zichtbaar in ons onderwijs. In leergemeenschappen, waar studenten, docent-onderzoekers en werkveldpartners samenwerken en leren rond actuele praktijkvraagstukken, ontwikkelen we kennis in en met de praktijk. Studenten leren daar niet alleen wat technologie kan, maar ook wat nodig is om deze verantwoord te ontwerpen, te testen en toe te passen in echte zorgsituaties. Zo verbinden onze projecten onderzoek, onderwijs en praktijk.
Onderzoeksprojecten
Hoe kun je stress meten op een manier die bruikbaar is in de zorgpraktijk? In onze sensors2care projecten onderzoeken we hoe draagbare sensoren en slimme data-analyse kunnen helpen om stress beter te herkennen en te begrijpen, bijvoorbeeld bij mensen met dementie of aanhoudende lichamelijke klachten. Samen met zorgprofessionals, ICT-professionals, cliënten, bedrijven en studenten kijken we niet alleen naar de technologie zelf, maar ook naar hoe de uitkomsten bruikbaar kunnen zijn in het dagelijks werk en in de zorg voor mensen thuis of in een instelling.
Hoe kun je mensen met diabetes beter ondersteunen bij het voorkomen van voetproblemen? In projecten zoals “Technology Support for Diabetes”, “de Diabetisch Voetencheck-app” en “Mensen met Diabetes Innovatief en Sociaal ondersteunen (MeDIS)” onderzoeken we hoe technologie en nieuwe vormen van ondersteuning kunnen bijdragen aan vroege signalering, preventie en passende voetzorg. Dat kan gaan om digitale toepassingen, zoals de Voetencheck-app, maar ook om educatie, sociale ondersteuning en samenwerking in de praktijk. Samen met mensen met diabetes, zorgprofessionals, bedrijven en studenten kijken we hoe deze oplossingen kunnen aansluiten op het dagelijks leven én op de zorgpraktijk.
Hoe kun je jongeren en jongvolwassenen met Long COVID beter ondersteunen in het dagelijks leven? In deze onderzoeken kijken we naar de lichamelijke, mentale en sociale gevolgen van langdurige COVID-klachten en de ondersteuning. Het promotieonderzoek richt zich op de fysieke, cognitieve, sociale en emotionele uitdagingen van jongvolwassenen (16–30 jaar) met langdurige COVID-klachten en op hun ondersteuningsbehoeften, met gebruik van een persoonsgerichte benadering. Hierbij wordt ook technologische ondersteuning onderzocht wat kan helpen bij het vinden van meer balans tussen inspanning en rust in het dagelijks leven. Een tweede onderzoeksproject i.s.m. het RIVM vergelijkt jongeren en volwassenen met en zonder Long COVID op gezondheid en welzijn, om inzicht te krijgen in verschillen tussen leeftijdsgroepen en de gevolgen daarvan voor zorg en ondersteuning. Samen bieden beide onderzoeken kennis die helpt om zorgstrategieën en begeleiding beter af te stemmen op de diverse groepen mensen met Long COVID, en technologische hulpmiddelen te exploreren.
Hoe kan technologie bijdragen aan herstel en functioneren in de revalidatiepraktijk? Met ons lectoraat onderzoeken we hoe innovatieve technologie kan helpen om beweging, handgebruik, kracht en interactie beter te meten, te trainen of te ondersteunen. Dat doen we bijvoorbeeld met sensortechnologie en haptische feedback (zoals in de projecten Handforce en Smartscan), virtual reality en serious gaming (zoals in de projecten RevSim en SimRevEgg). Samen met zorgprofessionals, cliënten, bedrijven, docent-onderzoekers en studenten ontwikkelen en testen we toepassingen die bijdragen aan bruikbare en verantwoorde revalidatiezorg.
Hoe kunnen sensoren en bewegingsanalyse bijdragen aan beter inzicht in bewegen, belasting en herstel? In projecten als Bewegen met Artrose, ShoQR, Ultrasound Walkway, ARTROS en KnIMU ontwikkelen onderzoeken we hoe meetinstrumenten, beweegsensoren en slimme data-analyse kunnen helpen om looppatronen, schokdemping, kniebelasting en gewrichtsstabiliteit beter in beeld te brengen. We onderzoeken samen met zorgprofessionals, cliënten, bedrijven en kennispartners onderzoeken we hoe deze toepassingen zo kunnen worden ontworpen, getest en doorontwikkeld dat ze bruikbaar en van waarde zijn voor diagnostiek, behandeling en begeleiding in de praktijk.
Hoe kan technologie bijdragen aan kwaliteit van leven voor mensen met dementie en hun naasten? Met ons lectoraat werken we aan projecten en samenwerkingen zoals COMPASS, in verbinding met het samenwerkingsverband PRODEM, het Professional Doctorate-traject Switch2Move en onderzoek naar welzijnsbibliotheken voor mensen met dementie. We onderzoeken hoe technologische en sociale innovaties, en de toegang daartoe, kunnen ondersteunen bij dagelijks functioneren, beweging, plezier en meedoen.
Hoe kan eHealth kinderen en jongeren met een chronische aandoening ondersteunen in hun dagelijks leven? In het project “eHealth Junior” dragen we, samen met het lectoraat Decision Support: who CAREs?, bij aan onderzoek hoe digitale toepassingen kunnen bijdragen aan zelfinzicht, veerkracht en participatie. Er wordt gewerkt aan eHealth-tools die kinderen en jongeren spelenderwijs meer inzicht geven in hun emoties en vermoeidheid en zorgprofessionals helpen om hen beter te begrijpen en te ondersteunen. Een van onze teamleden doet promotieonderzoek naar de menselijke factoren die van belang zijn voor de veilige en betrouwbare implementatie en ingebruikname van deze toepassingen.
Hoe kunnen voet- en schoenzorg beter aansluiten op wat mensen in het dagelijks leven nodig hebben? We onderzoeken hoe podotherapie, orthopedische schoentechniek, data en hulpmiddelenzorg kunnen bijdragen aan passende, onderbouwde en bruikbare zorg. In HOMELAND werken we aan een betere onderzoeks- en datainfrastructuur voor de dagelijkse voet- en schoenzorg. In UNIVERS onderzoeken we hoe orthopedische werk- en veiligheidsschoenen beter en eenduidiger kunnen worden ontworpen, verstrekt en onderbouwd. Samen met professionals, bedrijven, kennispartners en gebruikers werken we aan meer inzicht in effectiviteit, eenduidige werkwijzen en betere toepassing in de praktijk. Samen met professionals, bedrijven, kennispartners en gebruikers werken we aan meer inzicht in effectiviteit, eenduidige werkwijzen en betere toepassing in de praktijk.
Hoe kan technologie helpen om gezondheid en functioneren op een laagdrempelige manier te monitoren? We onderzoeken we hoe wearables, sensoren en biomarker-technologie kunnen bijdragen aan bruikbare metingen in het dagelijks leven en in de zorgpraktijk. Voorbeelden daarvan zijn niet-invasieve creatininemetingen bij nierpatiënten en point-of-care-toepassingen waarbij met een vingerprik snel inzicht ontstaat in waarden zoals natrium en kalium bij cardiovasculaire patiënten. Samen met zorgprofessionals, cliënten, bedrijven en kennispartners onderzoeken we hoe deze toepassingen zo kunnen worden ontworpen, getest en doorontwikkeld dat ze aansluiten bij de behoeften van gebruikers en verantwoord toegepast kunnen worden in de zorgpraktijk.
Promotieonderzoek STIFF (STrengthening the Intrinsic Foot Flexor muscles) is gericht op het onderzoeken van de rol van de korte voetspieren bij het lopen en de balans bij oudere mensen. In opeenvolgende studies werd toegewerkt naar een interventieonderzoek, waarin zelfstandig wonende oudere mensen twaalf weken lang een trainingsprogramma volgden. We concludeerden dat het trainen van de voetspieren een waardevolle aanvulling kan zijn op bestaande (valpreventieve) beweegprogramma’s voor oudere mensen. De komende tijd zullen de opgedane inzichten vertaald worden naar bruikbare handreikingen.
In FunPartClub onderzochten we hoe technologie, zoals bewegingsanalyse en echografie, kan helpen om een terugval van klompvoet bij kinderen vroegtijdig op te sporen. Ook keken we naar de invloed van klompvoet op motorische vaardigheden, dagelijks functioneren en participatie. Samen met zorgprofessionals, onderzoekers en studenten werkten we aan kennis die bijdraagt aan betere behandeling en begeleiding van kinderen met een klompvoet
In het WeCare project onderzochten we hoe het concept Warm Technology ingezet kan worden voor mensen met dementie: het project ontwikkelt en test interactieve agenten (zoals companion-robots en chatbots) die aansluiten bij de belevingswereld van mensen met dementie en hun omgeving.
Certification-D richtte zich op de certificering van technologische producten voor mensen met dementie. Daarbij ondersteunde het project mkb-bedrijven bij het ontwikkelen en opschalen van innovaties die aansluiten bij de behoeften van mensen met dementie en hun omgeving.
In het project “these shoes are made for walking” ontwikkelden we een nieuw curriculum voor orthopedische schoentechniek en ondersteunden we de opstart van schoentechnologische werkplaatsen in Zuidoost-Azië. Daarmee droegen we bij aan de opleiding van orthopedisch schoenmakers en aan een betere beschikbaarheid van orthopedische hulpmiddelen voor mensen met voet- en loopproblemen.
In Wijstijd onderzochten we hoe technologie mensen met dementie kon ondersteunen bij hun dagstructuur en dagelijkse activiteiten. Samen met gebruikers, mantelzorgers en zorgprofessionals ontwikkelden en evalueerden we een tweede prototype, waarna we de inzichten vertaalden naar concrete verbeteringen in het ontwerp.
In het project ‘Goede Nacht, Betere Dag’ droegen we bij aan onderzoek over hoe technologie mensen met dementie en hun mantelzorgers kon ondersteunen bij een betere nachtrust thuis. Samen met gebruikers en professionals brachten we wensen, behoeften en passende vormen van ondersteuning in kaart.
In het project VRbeelding onderzochten we hoe een genuanceerder beeld van leven met dementie kon bijdragen aan betere ondersteuning en meer empathie. Samen met burgers en andere betrokkenen verzamelden we beelden van dementie, die als input dienden voor een virtualrealitymodule voor zorgverleners, mantelzorgers en studenten. Zo droeg het project bij aan een benadering die meer uitgaat van wat nog wél mogelijk is.
In Grip op Geluid onderzochten we de geluidsbelasting tijdens gymlessen en de gevolgen daarvan voor vakleerkrachten bewegingsonderwijs. We brachten de akoestiek van sportaccommodaties, de geluidsniveaus tijdens de les en de effecten op gezondheid, welbevinden en gehoor in kaart. Daarnaast onderzochten we de ontwikkeling van een app en ontwikkelden we voorlichting om vakleerkrachten meer inzicht te geven in hun blootstelling aan geluid en in mogelijkheden om lessen stiller en gezonder in te richten.
In het project “Moleculaire Diagnostiek naar de Huisarts“ droegen we bij aan de ontwikkeling van een point-of-care-toepassing voor moleculaire diagnostiek in de huisartsenpraktijk, geleid door het Fontys lectoraat Molecular Technologies for One Health. Het project richtte zich op een prototype waarmee seksueel overdraagbare aandoeningen sneller en dichter bij de patiënt kunnen worden vastgesteld, zodat behandeling beter en gerichter kan plaatsvinden. Daarbij werkten verschillende zorg-, kennis- en technologiepartners samen aan een gebruiksvriendelijke en breed toepasbare diagnostische oplossing voor de eerstelijnszorg.
In de projecten SMARTness en ROBOsapiens droegen wij bij aan onderzoek over we hoe mensen en robots veilig en effectief kunnen samenwerken in de praktijk. Deze projecten richtten zicht op het ontwerpen, testen en valideren van mens-robotsystemen, ook in situaties waarin veiligheid niet vanzelfsprekend was.
In het project “WavyTunes” werd onderzocht hoe een stressreducerend programma via de WavyTunes-app vrouwen met Niet-obstructief kransvatlijden (INOCA) kon ondersteunen. Vanuit ons lectoraat droegen we bij door interviews af te nemen en gebruikersbehoeften in kaart te brengen. Zo hielpen we inzichtelijk te maken wat patiënten nodig hadden om een digitale toepassing als deze goed te laten aansluiten op hun dagelijks leven en op de zorgpraktijk. Het project richtte zich op een betere behandelingsoptie voor deze vaak onderbelichte patiëntengroep.
In het Mobile Technology Experience Centre onderzochten we de haalbaarheid van een mobiel centrum waarmee zorgprofessionals, mantelzorgers en cliënten op locatie kennis konden maken met technologie voor de zorg. Daarbij brachten we in kaart hoe zulke technologie beter zichtbaar, toegankelijk en bruikbaar kon worden in de praktijk, onder meer in de revalidatiezorg en in de ondersteuning van mensen met dementie.
Kennisteam & contact
Lector
Dr. ir. R.G.A.(Rens) Brankaert
Lector Warm technology and Design (onderdeel van lectoraat HIT)