27
februari
2019
|
09:57
Europe/Amsterdam

Fontys en MIT samen in Make Impact Consortium

Ella+Hueting+Fontys+en+Marty+Culpepper+MIT

Fontys Hogeschool Engineering werkt sinds kort samen met het Massachusetts Institute of Technology (MIT) in het ‘Make Impact’ Consortium. MIT-professor Marty Culpepper kwam naar Eindhoven om dit interdisciplinaire programma toe te lichten. ‘Geef studenten vertrouwen, want dan voelen ze eigenaarschap.’

Marty Culpepper bedacht samen met zijn MIT-collega Sanaa McDaniel het Make Impact programma waarbij de integratie van technologie, innovatie, maken en ondernemerschap binnen scholen en technologische innovatie-ecosystemen centraal staat. Het doel van het programma is om innovatie in de regio te versnellen, onder andere door studenten te laten werken in makerspaces.

Dat Fontys daar al actief mee bezig is, vertelt Joep Houterman van het college van bestuur in zijn inleiding. In hybride leeromgevingen werken al honderden Fontysstudenten samen met het bedrijfsleven. Een voorbeeld daarvan zijn de IT-studenten die in een eigen gebouw op Strijp in Eindhoven samen met IT-bedrijven aan oplossingen werken. Hetzelfde gebeurt al op de Automotive Campus in Helmond. ‘Door deze innovatieve manier van opleiden voelt het voor de studenten niet meer als naar school gaan.’

Het gaat om mensen
‘Het is belangrijk om te beseffen dat technologische innovatie in de eerste plaats om mensen gaat,’ benadrukt Culpepper. ‘Als iets moet, is het niet leuk. Je krijgt pas echt plezier als je samen met je vrienden dingen ontdekt. Wij geven onze studenten een duwtje. We stoppen ze samen in een ruimte en laten ze door middel van projecten zelf uitvinden waar hun talenten liggen. Het gevolg is dat de studenten alles zelf organiseren en regelen en dat ze vaak tot laat in de avond bezig zijn, met mooie en innovatieve resultaten als opbrengst.’

In het Make Impact programma worden studenten mentor. Er zijn technici aanwezig voor de begeleiding bij het gebruik van gevaarlijke machines, maar zodra het kan nemen studenten die rol over. Culpepper: ‘Omdat wij onze studenten vrijheid en vertrouwen geven, voelen ze eigenaarschap en maken ze impact op hun omgeving’.Ook na het afstuderen kunnen de alumni gebruik blijven maken van de ruimtes, daardoor ontstaat weer een uitwisseling met de studenten.

Makerspaces
MIT heeft al tientallen makerspaces voor haar studenten, voor toepassingen op allerlei technische gebieden, denk aan metaalbewerking, additive manufacturing (3D printen), houtbewerking, elektronica en product design. Maar ook voor andere op het oog minder technische toepassingen zoals grafisch ontwerp, mode, animatie, creatief koken of edelsmeden, die ook erg populair zijn onder hun technische studenten. Via een app kunnen studenten uitzoeken waar de apparaten staan die ze nodig hebben voor hun project. Die app komt ook beschikbaar voor Fontys.

Daarnaast worden binnen het Make Impact Consortium filmpjes en kennis uitgewisseld over het gebruik van machines en apparatuur. Culpepper geeft aan dat Fontys gebruik mag maken van de gebruikersfimpjes van MIT en zegt zelf geïnteresseerd te zijn in het online materiaal dat Fontys heeft gemaakt over het gebruik van 3D printers. Dat hebben zij zelf nog niet. ‘Het maken van de filmpjes kost duizenden dollars. Op deze manier kan mooi kennis gedeeld worden.’

TEC-spaces
Wanneer gaat Fontys dit implementeren vraagt één van de aanwezige studenten. Ella Hueting, directeur van Fontys Hogeschool Engineering, vertelt dat er in juni een groep docenten naar een door het Make Impact Consortium georganiseerde bootcamp gaat om kennis te maken met deze methode. ‘Ik sta te popelen om het concept in te voeren bij Fontys, in de vorm van TEC-spaces (Technology, Entrepreneurship, Creativity). Daar worden momenteel allemaal ideeën voor ontwikkeld binnen verschillende instituten en die kunnen door samenwerking in het Consortium een extra impuls krijgen.

Gastheer van de bijeenkomst was innovatie accelerator Eindhoven Engine, een samenwerkingsverband tussen Fontys, TU/e, TNO en bedrijven in de Brainport regio. In de zaal zaten studenten, docenten en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.

Auteur: Ingrid Oonincx