Van wendbaarheid naar stuurkracht
Wat vijftien jaar onderzoek ons leert over de leraar van morgen
Wat vraagt een snel veranderende wereld van leraren? Volgens Martin Vos, associate lector bij Fontys Educatie, is het antwoord de afgelopen jaren verschoven van wendbaarheid naar stuurkracht. "Wendbaar klinkt alsof veranderingen je overkomen. Stuurkracht gaat over zelf richting geven." Die gedachte vormt de rode draad in ruim vijftien jaar onderzoek naar de rol van onderwijsprofessionals in een veranderende onderwijspraktijk.
Scholen hebben vandaag de dag te maken met nieuwe curriculumontwikkelingen, burgerschapsopdracht, technologische ontwikkeling als AI en nog veel meer. Tegelijkertijd groeit het besef dat goed onderwijs niet alleen draait om kennisoverdracht, maar ook om persoonsvorming, samenwerking en het vermogen om samen richting te geven aan complexe vraagstukken. Juist tegen die achtergrond is bij het lectoraat Wendbare Onderwijsprofessionals van Fontys Educatie ruim vijftien jaar onderzoek gedaan naar wat onderwijsprofessionals nodig hebben om toekomstbestendig te blijven.
Martin Vos was vanaf 2016 betrokken bij dit lectoraat: als onderzoeker en later waarnemend lector, als opvolger van Quinta Kools, was hij betrokken bij vele onderzoeksprojecten. Nu het lectoraat per 1 augustus is afgerond en diverse onderzoekslijnen hun weg vinden naar het lectoraat Learning Design, kijkt hij terug op de lessen van de afgelopen jaren én blikt hij vooruit naar wat onderwijsprofessionals de komende jaren nodig hebben.
Vernieuwingsscholen als laboratorium voor de toekomst
Een belangrijk deel van het onderzoek vond plaats in samenwerking met vernieuwingsscholen, waaronder scholen verbonden aan Pleion en Agora. Deze scholen experimenteerden al vroeg met leerlinggestuurd onderwijs, coaching, vakoverstijgend werken en nieuwe vormen van organiseren. Voor het lectoraat vormden deze scholen een soort voorpost van ontwikkelingen die later ook breder zichtbaar werden. "Wat vernieuwingsscholen aan het uitvinden waren, zagen we nu ook terugkomen op veel andere scholen," zegt Vos. "Zelfregulerend leren, projectonderwijs en meer aandacht voor eigenaarschap van leerlingen zijn inmiddels lang niet meer exclusief voor vernieuwingsonderwijs." Het lectoraat vervulde daarbij een brugfunctie tussen onderzoek, scholen en lerarenopleidingen. Niet alleen door kennis uit scholen op te halen, maar ook door samen met onderwijsprofessionals antwoorden te ontwikkelen op vragen uit de praktijk.
Van vakdocent naar onderwijsprofessional
Een van de belangrijkste inzichten van het lectoraat is dat het leraarschap fundamenteel is veranderd. Vos: "Waar het beroep vroeger vaak werd geassocieerd met kennisoverdracht binnen het eigen vakgebied, wordt tegenwoordig veel meer gevraagd van docenten. Ze werken samen in teams, begeleiden leerlingen in hun ontwikkeling, geven vorm aan burgerschapsonderwijs, ontwerpen leeromgevingen en dragen bij aan schoolbrede ontwikkelingen." Dat vraagt om andere vaardigheden én heeft impact op de professionele identiteit van de docent. "Het oude beeld van de docent voor de klas klopt niet meer volledig. Je moet als docent steeds scherper weten waar je zelf voor staat, wat je onderwijsvisie is en hoe je samen met collega's onderwijs vormgeeft.” Een goed voorbeeld is burgerschapsonderwijs. Waar vakdocenten vroeger vooral verantwoordelijk waren voor hun eigen vakgebied, worden zij tegenwoordig geacht ook bij te dragen aan bredere maatschappelijke opdrachten. "Als docent scheikunde ben je daar van oorsprong niet voor opgeleid," zegt Vos. "Toch wordt die vraag tegenwoordig wel gesteld. Juist dat soort ontwikkelingen laten zien waarom onderwijsprofessionals voortdurend nieuwe rollen moeten leren vervullen. Leraren kunnen veel veranderen binnen hun eigen lessen, maar duurzame verandering ontstaat pas wanneer scholen als geheel in beweging komen. Dat vraagt om samenwerking, gezamenlijke verantwoordelijkheid en een gedeelde visie. Thema's als professionele identiteit, teacher agency en samenwerking zijn daardoor steeds belangrijker geworden binnen zowel het werkveld als de lerarenopleidingen. Want ook studenten moeten niet alleen leren lesgeven, maar ook leren samenwerken, onderwijs ontwerpen en omgaan met de complexiteit van een schoolorganisatie.”
Leerlingen een stem geven
Eén van de meest recente projecten binnen het lectoraat was Students4Change, uitgevoerd met onder andere de HAN, HU en Open Universiteit. Hierin stond een belangrijke vraag centraal: hoe kunnen leerlingen daadwerkelijk invloed krijgen op hun onderwijs? Het project ging verder dan de klassieke leerlingenraad. Het onderzocht hoe docenten ruimte kunnen creëren voor echte zeggenschap van leerlingen in hun leerproces. Daaruit bleek opnieuw dat onderwijsvernieuwing niet alleen op individueel niveau kan plaatsvinden. "Als je leerlingen echt een stem wilt geven, moet je dat breder in de schoolorganisatie verankeren. Zodra scholen serieus werk willen maken van student voice, raakt dat ook de organisatie, cultuur en manier van samenwerken binnen de school," aldus Vos. “Juist die spanning tussen individuele initiatieven en systeemverandering bleek een terugkerend thema binnen het lectoraat.”
Leren omgaan met spanningen
Een andere belangrijke opbrengst is onderzoek naar zogenoemde paradoxen in onderwijsvernieuwing. Onderwijsorganisaties hebben voortdurend te maken met schijnbare tegenstellingen: structuur versus autonomie, kennis versus persoonsvorming, individuele routes versus leren in gemeenschap. Volgens Vos ontstaat er vaak weinig beweging wanneer deze tegenstellingen als een of-of keuze worden gepresenteerd. "Het gaat er niet om één kant te kiezen. Het gaat erom beide belangen te erkennen en het gesprek daarover te voeren." Dat inzicht blijkt actueler dan ooit. “Discussies over leerprestaties, kennisgerichte curricula en leerlinggericht onderwijs laten zien hoe gemakkelijk het debat kan doorslaan van de ene naar de andere kant. Het lectoraat ontwikkelde daarom inzichten en werkwijzen om dergelijke spanningen bespreekbaar te maken en productief te benutten, in plaats van te laten uitmonden in polarisatie.”
Waarom veranderen zo moeilijk is
Dat onderwijsverandering vaak moeizaam verloopt, heeft volgens Vos ook te maken met de aard van organisaties zelf. Als voormalig scheikundedocent gebruikt hij daarvoor graag een begrip uit zijn eigen vakgebied: emergentie. In de scheikunde en systeemwetenschappen verwijst dat naar verschijnselen die ontstaan uit de interactie tussen allerlei onderdelen van een systeem. Het gedrag van het geheel is daarbij niet altijd te voorspellen vanuit het gedrag van de afzonderlijke delen. Ook onderwijs werkt volgens hem vaak zo. “Zelfs wanneer individuele docenten, schoolleiders en beleidsmakers dezelfde richting op willen bewegen, kan een systeem als geheel onverwachte resultaten laten zien. Verandering ontstaat immers niet door één persoon, maar uit de interactie tussen veel verschillende mensen, belangen, gewoonten en structuren. Anders gezegd: ook als iedereen goede bedoelingen heeft en dezelfde kant op wil bewegen, ontstaat verandering niet automatisch. Daarom vraagt onderwijsvernieuwing niet alleen om nieuwe ideeën, maar ook om voortdurende afstemming tussen mensen. Juist daarom begint duurzame onderwijsvernieuwing bij bewustzijn van de eigen rol. Professionals moeten weten waar zij voor staan, hoe zij samenwerken met anderen en welke invloed hun handelen heeft op het grotere geheel.”
Van onderzoek naar praktijk
Hoewel het lastig is om directe causale effecten aan te wijzen, ziet Vos duidelijke sporen van het gedachtegoed van het lectoraat terug binnen opleidingen en professionaliseringstrajecten. Zo is het begrip 'wendbare professional' steeds vaker terug te vinden in beleidsdocumenten, curriculumontwikkeling en opleidingsvisies. Ook ontwikkelingen zoals talentgericht onderwijs, flexibele leerroutes en de toenemende aandacht voor samenwerking sluiten aan bij vraagstukken die jarenlang binnen het lectoraat zijn onderzocht. Daarnaast zijn inzichten uit het lectoraat verbonden aan opleidingen en professionaliseringstrajecten zoals de Master Leren en Innoveren.
Van wendbaarheid naar stuurkracht
Hoewel het lectoraat Wendbare Onderwijsprofessionals wordt afgerond, lopen veel onderzoekslijnen door binnen het lectoraat Learning Design. Daar wordt voortgebouwd op de gedachte dat leraren ontwerpers van onderwijs zijn. Volgens Vos verschuift daarbij ook het taalgebruik. "Ik vind het begrip stuurkracht inmiddels misschien wel mooier dan wendbaarheid. Wendbaar klinkt alsof veranderingen op je afkomen en je moet meebewegen. Stuurkracht gaat over zelf richting geven."
Binnen Learning Design krijgt dat vorm onder de noemer Teacher Agency: de professionele ruimte, expertise en handelingskracht van onderwijsprofessionals om zelf onderwijsontwikkeling vorm te geven. Projecten rond burgerschap, duurzaamheid, identiteitsontwikkeling, motiverende leeromgevingen en curriculumvernieuwing worden voortgezet binnen deze nieuwe context. Binnen het lectoraat Wendbare Onderwijsprofessionals werd al stevig samengewerkt met lectoraat Learning Design, mede door het gebruik van de Learning Design Studio's, waarin onderzoekers en onderwijsprofessionals samenwerken aan praktijkvraagstukken. Binnen die werkwijze leeft het gedachtegoed van het oude lectoraat verder .
Professionele stem van leraren
Als Vos vooruitkijkt, hoopt hij vooral dat het onderwijs de professionele stem van leraren blijft versterken. "Ik hoop dat we het gesprek blijven voeren over waar onderwijs voor bedoeld is. Niet alleen over roosters, tekorten en organisatie, maar over de vraag waartoe we onderwijs geven en hoe we dat samen het beste kunnen vormgeven."
De grote vraagstukken van deze tijd, van AI en burgerschap tot curriculumvernieuwing en duurzaamheid, zullen niet verdwijnen. Volgens Martin Vos ligt de sleutel daarom niet in één nieuwe methode of onderwijsconcept, maar in professionals die samen blijven leren, onderzoeken en ontwerpen. “Professionals die niet wachten tot verandering hen overkomt, maar actief bijdragen aan de richting waarin het onderwijs zich ontwikkelt. Want de leraar van morgen heeft niet alleen wendbaarheid nodig, maar vooral stuurkracht.”
Onderzoek krijgt een vervolgDit artikel verschijnt naar aanleiding van de afronding van het lectoraat Wendbare Onderwijsprofessionals van Fontys Educatie, dat lange tijd werd geleid door Quinta Kools. Diverse onderzoekslijnen krijgen een vervolg binnen het lectoraat Learning Design, waar thema's als teacher agency, curriculumontwerp, burgerschap, motiverende leeromgevingen en professionele ontwikkeling verder worden onderzocht. Martin Vos blijft hieraan verbonden als associate lector. Wil je meer lezen over lopende onderzoeken en opbrengsten? Kijk dan op de website van het lectoraat Learning Design |
Auteur: Linda Koster
Foto's: privéfoto Martin Vos en Charlotte Grips