In het Curiosity Cafe staat experimenteren centraal
In het Curiosity Cafe krijgen studenten van Fontys Academy of the Arts de ruimte om, via nieuwe technieken en tools, te experimenteren. Door te proberen, te onderzoeken en door samen te werken met studenten van andere opleidingen ontdekken ze nieuwe manieren om hun kunst vorm te geven. Community manager Sidney Marte: ‘We willen bij studenten het vuurtje voor interdisciplinair werken aanwakkeren. Daar vraagt het werkveld ook om.’
Aan het woord
- Wouter Heine-Hädicke, projectleider Curiosity Cafe, informatiemanager en DLO-coach binnen Fontys Academy of the Arts.
- Sidney Marte, community manager van het Curiosity Cafe. Is daarnaast muzikant.
- Chilton Galimo, docent bij Fontys Dance Arts in Context. Organiseert open jamsessies en werkt daarbij samen met het Curiosity Cafe. Is ook hiphopdanser en choreograaf.
- Barend Kaptein, alumni Fontys Docent Theatermaker. Deed zijn afstudeerproject bij het Curiosity Cafe en combineert in zijn werk nu theater met techniek.
Barend, je deed je afstudeerproject bij het Curiosity Cafe. Wat heeft het je gebracht?
Barend: ‘Ik kon hier experimenteren met technologie en theater. Zo liet ik een paspop tot leven komen door middel van videomapping, het projecteren van video op een object. Dit heeft het zaadje geplant voor mijn huidige werk: in het theater probeer ik met AI een acteur te maken. Ik vond het ook fijn dat ik in het Curiosity Cafe de ruimte kreeg om fouten te maken. In kunstopleidingen is daar vanwege de hoge prestatiedruk vaak weinig ruimte voor.’
Hoe wordt het Curiosity Cafe nog meer ingezet?
Sidney: ‘Studenten nemen hier, uit eigen initiatief, bijvoorbeeld podcasts op of ze maken visuals ter promotie van hun kunst. Het Curiosity Cafe staat dan ook vol met technologie en apparatuur: van AI-toepassingen tot virtual stages. Maar we zijn méér dan deze fysieke plek. We creëren allerlei projecten samen met het werkveld en met opleidingen.’
Chilton: ‘Als dansdocent bij Fontys Dance Arts in Context werkte ik al regelmatig samen met het Curiosity Cafe. Uit die samenwerking kwamen bijvoorbeeld interactieve visuals van Art, Communication and Design-studenten die we inzetten bij de dansjams die ik organiseer. Later breidden we dit uit met conservatoriumstudenten: we combineerden livemuziek, dans en visuals die reageren op beweging en geluid. Het mooie is dat er verbinding ontstaat tussen deze studenten. Iedereen heeft respect voor een andere kunstvorm, dus studenten kijken echt hun ogen uit.’
Sidney: ‘Het idee is dat zij nadenken over de vraag: zou ik bepaalde technologieën of andere studenten kunnen betrekken bij het maken van kunst? Dat vuurtje hopen we aan te wakkeren.’
Waarom is dat zo belangrijk?
Wouter: ‘Het werkveld gebruikt technologie steeds vaker als middel om verbindingen tussen verschillende kunstvormen te creëren. Er wordt dus al veel interdisciplinair gewerkt. Het is belangrijk dat we studenten daar ook aan blootstellen.’
Barend: ‘Om me heen zie ik andere oud-studenten aan opleidingen als theatertechniek starten, omdat het werkveld daarom vraagt. Als dat al in de opleiding zit, start je je carrière met een veel breder pakket aan vaardigheden.’
Wat vraagt dat van docenten?
Wouter: ‘Hetzelfde als van studenten: haal de schotten tussen verschillende kunstvormen weg. En sta open voor andere disciplines en voor nieuwe technologieën. Maak het ook niet te groot: een kwast en een potlood zijn middelen om tot kunst te komen. Zo kun je technologie ook zien. Binnen het Curiosity Cafe laten we zien welke mogelijkheden er zijn.’
Wat is de grootste uitdaging en waar zie je juist kansen?
Sidney: ‘Het Curiosity Cafe heeft een vlucht genomen dankzij de kwaliteitsafspraken. Ik ben er trots op dat we, ook na het stoppen van die gelden, gewoon doorgaan. De grootste uitdaging is om ons aanbod in het curriculum van opleidingen te krijgen. Dat heeft tijd nodig.’
Wouter: ‘Dat we meer focussen op Talentgericht Onderwijs helpt daar wel bij. Studenten varen meer hun eigen koers in hun studie. Als instituut heb je dus een rijk aanbod nodig. Het Curiosity Cafe trekt het aanbod breder.’
Over de kwaliteitsafspraken
De kwaliteitsafspraken werden in het leven geroepen na de invoering van het leenstelsel. Hierdoor was er landelijk extra geld beschikbaar om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Onderwijsinstellingen mochten binnen bepaalde bestedingsrichtingen zelf beslissen hoe ze het geld besteedden. Fontys besloot te focussen op drie onderwerpen: succesvol studeren, docentprofessionalisering en de verbinding met het werkveld. Deze thema’s zijn zowel op centraal niveau als binnen de instituten opgepakt. De kwaliteitsafspraken liepen tot eind 2024.