De toekomst van het onderwijs, deel 5: De lessen van de pandemie

Hoe ziet het primair en voortgezet onderwijs van de toekomst eruit? Die vraag staat centraal in een reeks artikelen die journalist Hub Dohmen de afgelopen maanden voor Fontys schreef. Hub vroeg betrokkenen uit allerlei lagen van het onderwijs te reageren op dit thema. De meeste verhalen werden geschreven voordat de coronacrisis ook het onderwijs op z’n kop zette, maar ze zijn daarom niet minder actueel. Eén van de laatste verhalen van deze serie gaat juist ook over de mogelijke veranderingen in het onderwijs als gevolg van de coronacrisis. Aan het einde van de verhalenreeks vertelt ook Fontys zelf hoe de organisatie elke dag weer, samen met het werkveld, verder bouwt aan de toekomst. Deze keer: de lessen van de pandemie​

20
mei
2020
|
13:24
Europe/Amsterdam

De toekomst van het onderwijs: De lessen van de pandemie

Onderwijs van de toekomst

De experts zijn het er over eens: door de Coronacrisis heeft het onderwijs versneld de mogelijkheden van techniek, zoals les op afstand, ontdekt. ,,Nu het moet, blijkt dat er veel kan”, zegt Desirée Joosten-ten Brinke, lector Technology Enhanced Assessment aan de Fontys Lerarenopleiding in Tilburg. ,,Misschien wel meer dan leerlingen, ouders en docenten eerder dachten.”

Het is een ongekende maatregel die half maart door de regering werd afgekondigd. In de strijd tegen het Coronavirus moeten onder meer het onderwijs, de horeca en andere bedrijven en instellingen de deuren op slot doen. Mensen moeten zoveel thuis blijven. ,,Het was bijzonder om te zien hoe snel veel scholen, vaak binnen een week, omschakelden op les op afstand”, zegt Joosten-ten Brinke. Ze noemt het hartverwarmend om te zien dat gemeenten en bedrijven vervolgens families die het niet zo breed hadden te hulp schoten met laptops, tablets en telefoons.

,,We zien nu de voordelen van afstandsonderwijs, die ook voor de toekomst behouden kunnen worden”, zegt de Fontys-lector. ,,Bijvoorbeeld: waarom zouden we vasthouden aan een traditioneel oudergesprek in het klaslokaal, als op afstand voor iedereen makkelijker is. Voor de docent omdat hij of zij niet per sé op school hoeft te blijven en voor ouders omdat ze niet halverwege de middag de boel de boel moeten laten om naar school te gaan.”

‘Eindelijk keuzes gemaakt’
De ontwikkelingen zijn koren op de molen van Arjen Daelmans, plaatsvervangend opleidingsdirecteur van het Stedelijk College aan de Bosschebaan in Eindhoven (950 leerlingen VMBO en EOA). Als lid van de zogenoemde Innovatie Brigade Onderwijs - dat scholen adviseert over vernieuwingen in het vak – houdt hij regelmatig een pleidooi voor de voordelen van bijvoorbeeld ict in het onderwijs. ,,Door Corona worden éindelijk keuzes gemaakt. Er vinden versneld ontwikkelingen plaats zoals het verzorgen van onderwijs op afstand, formatief evalueren en meer differentiatie richting ontwikkelingsgericht leren waar we al jaren binnen het onderwijsveld over spreken”, zegt hij. ,,Het is nu zaak om onderdelen die we nu anders doen, bijvoorbeeld op het gebied van ict, te borgen voor de toekomst.”

Natuurlijk kent hij ook de minder positieve verhalen. Van docenten die acht lessen op een dag geven vanuit hun soms te krappe en luidruchtige werkkamer. ,,Dan is het toch wat anders dan in het klaslokaal”, zegt Daelmans. ,,Maar ik zie ook dat collega’s opbloeien. Ze wisten niet dat ze het konden. En: het stimuleert de creativiteit.” Zo is er – op een school elders in de Lichtstad - een havo-docent Engels die aan het bakken is geslagen. Natuurlijk in het Engels én met dito recepten zoals flapjacks en scones. En de leerlingen die een van de recepten ook bakken, krijgen extra punten.

Daelmans: ,,Ik baal hartstikke van de eenzijdige discussie die we momenteel hebben over leerachterstanden. Het gaat alleen over een 6,3 of een 4,2. Maar het onderwijs is veel meer dan het overdragen van kennis. We leren de kinderen ook andere vaardigheden aan, zoals elkaar helpen, begrip en tolerantie. De ontwikkeling voor taal en rekenen trekken heus wel bij.”

Natuurlijk kent Arjen Daelemans verhalen van leerlingen die in een enkel geval door les op afstand ‘kwijt zijn geraakt’. ,,Ik zie dat het soms moeizaam is contact te houden. Bijvoorbeeld als de ouders amper Nederlands spreken, of er thuis problemen zijn. Dit is wel een serieus punt dat aandacht verdient.” Hier hebben andere partijen echter ook een rol in.

Onderzoek
De gevolgen van de Coronacrisis voor leerlingen staan centraal in verschillende onderzoeken. Zo kwam recent een studie van de Universiteit van Amsterdam in het nieuws, waaruit als eerste (voorzichtige) conclusie werd getrokken dat de verschillen tussen kinderen toenemen.

Onderzoeksgroep Point013, waarin de universiteiten van Tilburg, Nijmegen en Utrecht, Fontys en vijf schoolbesturen in het primair onderwijs samenwerken, onderzocht samen met het Nederlands jeugdinstituut hoe het zit met de psychologische basisbehoeften (relatie, competentie en autonomie) bij onderwijs op afstand. De onderzoekers gingen aan de slag met uiteindelijk 531 (bruikbare) reacties. ,,We hebben gesloten en open vragen gebruikt”, zegt lector goed leraarschap, goed leiderschap Anouke Bakx van Fontys Hogeschool Kind en Educatie, betrokken bij het onderzoek. ,,Het verwerken van de antwoorden van de open vragen kost veel tijd.”

Point013 vroeg onder meer naar het welbevinden van de leerlingen. ,,Het grootste deel van de kinderen voelt zich tijdens het onderwijs thuis goed. Het ligt wel genuanceerd. Want in de categorie ‘heel goed’ scoorde school 27 procent en thuis 19 procent.” De hamvraag is natuurlijk: wat leren we van de Covid-19-crisis? Bakx: ,,De resultaten zijn nog niet helemaal bekend. Maar het zet nu wel al aan tot nadenken tot wat het doet met leerlingen en docenten. Een ander punt is kansengelijkheid. Sommige kinderen waren zo blij dat ze een eigen tempo konden aanhouden, dat ze ondertussen een leervoorsprong hebben opgebouwd. Ouders van minder intrinsiek gemotiveerde kinderen maken zich zorgen. Dus: we moeten nog beter kijken naar de precieze onderwijsbehoeften bij de kinderen.”

Een punt van aandacht blijven ook de sociale contacten. Die zijn op school veel groter dan bij les op afstand. ,,Via een beeldscherm is het voor de docent toch een stuk lastiger pedagogische sensitiviteit te tonen. In de klas voel je het nu eenmaal beter aan.”

 

 

Auteur: Hub Dohmen
Reacties (0)
Het bericht is verzonden, deze zal worden geplaatst na goedkeuring.