Van de keuken naar de klas: Paul maakte de overstap
Voormalig chef-kok brengt het horecavak nu over in het vmbo
Paul Leeuwe (1977) werkt jarenlang als chef-kok in de horeca, wanneer hij op een bijeenkomst voor leermeesters op De Rooi Pannen in Tilburg aan de praat raakt met een docent. Die is vanuit de horeca het onderwijs in gegaan, en zegt tegen Paul: “Lijkt me ook wel wat voor jou”. Daarop bezoekt Paul in het voorjaar van 2015 een open avond, raakt enthousiast, en meldt zich na de zomer van datzelfde jaar nog aan voor de opleiding ‘Consumptieve Techniek’ aan de Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool.
Uit de schoolbanken
“Op dat moment was ik inmiddels zo’n twintig jaar uit de schoolbanken”, aldus Paul. “Ik begon de opleiding vol goede moed, maar dan moet nog maar blijken of het onderwijs ook daadwerkelijk iets voor je is. In de jaren dat ik in het onderwijs zit, heb ik namelijk veel mensen zien komen, maar ook net zo snel zien gaan. Omdat ik zelf MBO niveau-3 heb gedaan, ben ik eerst gestart met het voorbereidend leerjaar.
Bewust bekwaam
Tijdens de stages op de scholen verzorgde ik lessen die soms goed, maar soms ook níet goed uitpakten. Ik wist niet waarom dat zo was. Pas aan het einde van het tweede leerjaar begon ik al die onderwijstheorie onder de knie te krijgen. Doorzag ik waarom bepaalde dingen in de les gebeurden. Wat de gevolgen van bepaalde handelingen waren. En wat ik kon proberen wanneer iets niet lukte. Het duurde echt wel even voordat ik een bewust bekwaam docent in wording was. En nog steeds gaan dingen in de les soms anders dan gepland.
Nooit meer weg
Mijn insteek om docent te willen worden was primair het horeca-vak overbrengen. En hoewel ik aanvankelijk écht op het mbo wilde werken, kwam ik tijdens het tweede jaar van mijn opleiding terecht op het vmbo: de Rooi Pannen in Tilburg. Daar wil ik nooit meer weg. In mijn taak als leerling-coördinator ben ik samen met de mentoren verantwoordelijk voor vier eerstejaars en twee tweedejaars klassen. Alles wat een leerling thuis en op school meemaakt op het gebied van welbevinden, verzuim, motivatie, niveau en van invloed kan zijn op de leerprestaties, heeft onze aandacht en proberen wij zo goed mogelijk aan te pakken. Altijd met als uitgangspunt: “Wat is het beste voor de leerling”. Verder geef ik als docent Horeca Bakkerij en Recreatie (HBR) les aan eerste- tweede- en vierdejaars leerlingen. Overigens is de realiteit dat wanneer je van een lesuur van 50 minuten een half uur les kan geven, je een goede les hebt gedraaid. Wanneer je de lat te hoog legt, werkt dat niet voor jouzelf, maar óók niet voor de leerlingen.
Reflectie
Wat mij in de opleiding echt heeft geholpen is dat je een spiegel voor wordt gehouden. Je wordt bewust gemaakt hoe jij in elkaar zit. Bewust van wat voor persoon jij bent, en of dat dus allemaal past bij hetgeen wat jij doet. En welke manier van lesgeven het best bij jou past. Dat blijkt ook allemaal te kloppen. Het reflecteren op jezelf is echt het toverwoord op het HBO. Reflectie. Ik kon dat woord echt niet meer horen op het einde van de opleiding. Werd er gestoord van. Maar het is wél hetgeen wat mij bij is gebleven van de studie. Echt! Het was ook de bevestiging dat ik in veel gevallen de juiste dingen deed. En wat ik toepaste in de praktijk, klopte met de theorie die erachter zat.
Best zwaar
Het was ook leuk om tijdens de opleiding met mijn medestudenten als groep door de stof te ploegen. We hebben echt heel veel gehad aan elkaar. Wat dat aangaat is het exact hetzelfde als de leerlingen die dit schooljaar zijn gestart op de middelbare school, of aan een nieuwe studie beginnen. Alles is weer nieuw, je moet aan alles wennen. Het mopperen op de school, de docenten, de communicatie. Het is natuurlijk best zwaar, starten met zo’n deeltijdstudie. Ik zou liegen wanneer ik zou zeggen dat het niet zo is. Soms sloeg de paniek wel eventjes toe, maar als ik er nu op terugkijk, zou ik het zo weer doen.
Hart op de tong
Als docent in het vmbo vind ik het eerste leerjaar erg leuk om te doen. Dat zijn nog kinderen van rond de 12, 13 jaar, die kun je echt nog (helpen) vormen. Pubers met het hart op de tong, zeker op het vmbo. Met de leerlingen in het vierde leerjaar heb ik een heel goede band. Regelmatig kom ik oud-leerlingen tegen in de horeca, leuk om daar dan een praatje mee te kunnen maken!
Slechte en goede verhalen
Je hoort soms slechte verhalen over de horeca. Slecht betaald worden, de lange dagen die gemaakt worden, geen vrij kunnen krijgen, alle weekenden werken. Daar baal ik van. Het is niet heel aantrekkelijk om in de horeca te werken, lijkt het. Maar gelukkig hoor ik ook heel veel goede verhalen. We zijn momenteel bezig met de doorstroom van vmbo naar mbo. Veel leerlingen kiezen voor recreatie of toerisme. Horeca wat minder, maar het wordt langzaamaan wat meer. Wanneer we uit elke vierdejaars klas er twee of drie naar de horecaopleiding kunnen sturen, is de eerste stap gezet.
Mijn insteek om docent te willen worden was primair het horeca-vak overbrengen. Onderwijs en horeca zijn beide prachtige beroepen. De combinatie helemaal!”