Contact English Sitemap Inloggen
Home Scholieren Ouders Decanen Professionals Alumni Werkgevers Over Fontys
Skip Navigation LinksAlumni>Succesvolle alumni>Interview met Freek Lapré

Freek Lapré

(interview afgenomen voorjaar 2008)

 

 

Leeftijd:  

Woonplaats:

Studie:  

Studiejaren:

 

 

 49

 Hank

 HBO Verpleegkunde, nu Fontys Hogeschool Verpleegkunde     

 1978 - 1982

 

 

CV

  • Eigenaar Lapré Organisatieadvies BV, partner Com4Life VOF en partner Uniqoncepts
  • Voorzitter International Association of Homes and Services for the Aging (IAHSA) Washington DC
  • Gastdocent University of South Dakota, VS
  • Lid Raad van Toezicht GGZ Breburg Groep Breda (psychiatrie)
  • Lid Raad van Toezicht Rumah Kita (verpleeg en verzorgingshuis voor Indische Nederlanders en Molukkers) Wageningen
  • Partner Twynstra Gudde (1994- 2001)
  • Adviseur Ernst & Young (1992 – 1994)
  • Hoofd afdeling Kwaliteit Landelijke Vereniging voor Thuiszorg (1987-1992)
  • Stafmedewerker Amsterdamse Kruisvereniging (1985- 1987)
  • Gezondheidswetenschappen Universiteit Maastricht (1982- 1985)

 

 

Fontys Hogescholen, alumnus Freek Lapre 

Tekst: Antoinette v/d Vorst (Bex*communicatie)

 

'Ouder worden is geen ziekte'

 

Het eerste dat opvalt als je in zijn leven duikt, is de enorme hoeveelheid werkzaamheden en activiteiten waar hij zich mee bezighoudt. Freek Lapré is een druk man. En bovenal: bevlogen. Druk is hij niet alleen met zijn eigen organisatieadviesbureau, ook als voorzitter van de International Association of Homes and Services for the Aging, lid van twee Raden van Toezicht in de gezondheidszorg en als gastdocent van de University of South Dakota. Hij wordt wel omschreven als ‘vergrijzingsdeskundige’. Ondanks alle eer die hij ontvangt voor zijn werk, is Freek een bescheiden man. 'Ik ben een zondagskind. Ik heb enorm veel geluk gehad met wat ik allemaal kan doen.'

 

Je bent al een flinke tijd geleden afgestudeerd. Hoe kijk je terug op je studie?

'Ik ben heel blij dat ik er terechtgekomen ben. Eigenlijk wilde ik medicijnen gaan studeren, maar ik werd twee keer uitgeloot. Toen heb ik Bedrijfskunde geprobeerd maar daar was wiskunde een probleem. Uiteindelijk koos ik voor Verpleegkunde omdat dat het meest in de buurt kwam van Medicijnen dacht ik toen. Ik heb er vooral geleerd in de huid te kruipen van anderen en empathisch te zijn. Die zaken vormen nog steeds een rode draad door wat ik doe.'

 

Sinds je afstuderen ben je behoorlijk succesvol in de wereld van de gezondheidszorg. Hoe is dat pad verlopen?

'Ik heb inderdaad wel wat bereikt. Maar laat ik voorop stellen dat ik zij die aan het bed staan juist de meest succesvolle mensen vind in deze sector. Niet mensen zoals ik.

Mijn carrière loopt langs een aantal punten. Na HBO-V ben ik Gezondheidswetenschappen gaan studeren in Maastricht. Al tijdens mijn afstudeerfase werd ik aangenomen als stafmedewerker bij de Amsterdamse Kruisvereniging. Na twee jaar ben ik daar zelf mee gestopt om drie maanden te gaan reizen. Later werd ik hoofd van de afdeling Kwaliteit bij de Landelijke Vereniging voor Thuiszorg. Na functies bij Ernst & Young en Twynstra Gudde besloot ik toen in 2001 voor mezelf te beginnen.'

 

Je bent nu organisatie-adviseur?

'Vanuit mijn bedrijf Lapré Organisatieadvies BV houd ik me bezig met organisatiestrategie en  - ontwikkeling, reorganisaties en fusies. De focus ligt daarbij op ouderenzorg. Mijn klanten? Dat zijn verpleeg- en verzorgingshuizen, thuiszorgorganisaties, verzekeraars, gemeenten maar ook woningcorporaties en projectontwikkelaars. Ik werk voornamelijk in Nederland, Engeland en de Verenigde Staten. Samen met mijn collega’s in Com4Life ontwikkel ik ook woon-/serviceconcepten voor de wat rijkere senioren, naar Amerikaans concept. Ook bieden we via Uniqoncepts studiereizen, congresreizen en managementuitwisselingprogramma’s aan, aan onder meer Nederlanders, Duitsers, Amerikanen en Engelsen.'

 

Je werkt dus erg internationaal?

'Zeker. Ik heb enorm veel internationale contacten op het gebied van ouderenzorg. Dat is bijzonder leuk, zo zie je hoe ouderenzorg over de hele wereld georganiseerd is.'

 

Hoe doen we het in Nederland als het gaat om ouderenzorg vind je?

'Ik vind dat ouderen een menswaardig bestaan moeten hebben. Wij Nederlanders denken dat we het goed doen. Maar ik vind dat wij ouder worden als een ziekte benaderen en daarom juist ook sterk focussen op het zorgaspect. Daar heb ik nogal wat kritiek op. Dat komt ook ergens vandaan: mijn oma woonde in een verzorgingshuis. Bar slecht. Haar enige vriend was een pluche hond. Zo je laatste levensfase doorlopen, dat wens ik niemand toe. Daarom zet ik me er ook zo voor in.

Laatst sprak ik een lid van the House of Lords in Engeland. Zij omschreef onze benadering van ouderenzorg als een van ‘one size fits all’. Dat klopt helemaal. Ik wind me op over hoe platgeslagen die zorg bij ons is. Op het moment dat je in een verpleeg- of verzorgingshuis terechtkomt, moeten we ineens allemaal hetzelfde gaan wonen. Ik bestrijd dat.'

 

Je bent voorzitter van de International Association of Homes and Services for the Aging. Hoe is het om binnen zo’n organisatie te kunnen werken?

'Heel bijzonder. De IAHSA is de wereldorganisatie van ouderenzorgaanbieders, een internationale club met 20.000 leden uit dertig landen. We zijn adviseur van de sociaal-economische raad van de Verenigde Naties. Ik ben er trots op deel ervan uit te maken. Het is voor mij een vrijwilligersbaan. De dingen die ik ervoor doe, bekostig ik zelf. Ook de vliegreizen bijvoorbeeld. Maar ik doe het omdat ik op die manier een verschil kan maken in de ontwikkeling van de ouderenzorg.'

 

Zo’n vol leven. Hoe hou je dat vol?

'Ik kan dit doen, omdat ik wát ik doe ook leuk vind. Ga maar na: ik neem mijn eigen besluiten, doe leuk werk en vlieg de hele wereld rond. Daarbij is het belangrijk dat je goed kunt schakelen. Ik dénk projectmatig, ben met twintig dingen tegelijk bezig. Wat ook helpt, is dat mijn vrouw en ik geen kinderen hebben. En tijd nemen voor jezelf: doordeweeks werk ik van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat. Maar de zaterdag en zondagochtend zijn altijd vrij. Bovendien zit ik aan het eind van de dag altijd met mijn echtgenote in de hot tub in de tuin. Relaxen is belangrijk. Daarnaast stijg ik regelmatig op. Letterlijk: ik vind het heerlijk om te vliegen in een Cessna.'

 

Waar ben je tot nu toe het meest trots op?

'Ik ben trots op een aantal dingen. Ik heb ooit een verandering teweeg gebracht in een verpleeghuis dat ik moest doorlichten. Naast gesprekken die ik voerde met betrokkenen, observeerde ik ook twee dagen. Dat leverde bij mij een zeer emotioneel beeld op. Bewoners lagen óf tot elf uur in bed met een uitgedroogde boterham, óf ze werden aan een tafel gezet zonder enige activiteit. Ik heb dat nadrukkelijk aan de kaak gesteld. In dat verpleeghuis is toen veel veranderd. Daar was ik echt wel trots op. Dat je ook als extern adviseur écht iets kan betekenen voor die bewoners, daar doe ik het allemaal voor.'

 

Toekomstplannen?

'Ik ga zeker nog door tot mijn zeventigste, vijfenzeventigste. Ik zit niet uit te rekenen hoe lang ik nog ‘moet’ werken, ik wil nog zoveel dingen doen. Ik droom er bijvoorbeeld van om ooit iets te gaan doen in een ontwikkelingsland. Soms denk ik: ik ben al bijna vijftig en ik wil nog zoveel doen!'

 

In het kader van ouderenzorg: hoe wil je zelf het liefst oud worden?

'In een hofje samen wonen met een stel vrienden. Voor elkaar zorgen. En vooral: blijven leren.'