Ga naar de startpagina van Fontys Hogescholen
Lectoraat Sociale Studies
Hogeschool Sociale Studies
 
Impuls, Digitaal Hoger Onderwijs zonder drempels

 

Computers zijn niet meer weg te denken uit het hoger onderwijs. Werkstukken worden digitaal geschreven, de bibliotheek is virtueel geworden, dataverzameling en dataverwerking is zonder de computers bijna ondenkbaar, communicatie tussen docenten en studenten kan niet meer zonder e-mail en 'googlen' is onmisbaar onderdeel van elke studentcarričre.


Geen instelling denkt er nog aan een nieuw gebouw neer te zetten zonder een helling als alternatieve toegang voor trappen. Maar in elektronische leeromgevingen worden de meest elementaire fouten gemaakt in toegankelijkheid.

Nu zijn er voldoende mogelijkheden voorhanden om de digitale toegankelijkheid te bevorderen. Het is zaak hier ook gebruik van te maken. Een eerste praktische stap is het breed aanbieden van informatie over toegankelijkheid van elektronische leeromgevingen. Op www.handicap-studie.nl staat uitgebreide informatie over allerlei facetten van digitaal hoger onderwijs en functionele beperkingen. SURF heeft ‘digitale toegankelijkheid’ als thema opgenomen (www.surf.nl). Een rijke bron van inspiratie vormt het Britse initiatief TechDis (www.techdis.ac.uk).

 

In het rapport 'Digitaal onderwijs zonder drempels' (http://elearning.surf.nl/docs/e-learning/digitaal_onderwijs.pdf) worden de moeilijkheden die studenten met een functionele beperking ondervinden bij het gebruiken van ict-toepassingen in het onderwijs besproken. Deze publicatie van Fontys Hogescholen, in samenwerking met SURF en handicap&studie, is een bron van informatie voor content-ontwikkelaars en ontwerpers van digitale leeromgevingen.
In het voorwoord benadrukken Frans Leijnse en Ed d'Hondt de sterke verwevenheid van digitale media in het hoger onderwijs. Het Nederlandse hoger onderwijs heeft sterk geďnvesteerd in digitalisering. Helaas is in de ontwikkeling naar digitaal onderwijs, bij de uitbouw van elektronische leeromgevingen, het thema toegankelijkheid verloren gegaan.

 

Toegankelijkheid hebben we zelf in handen

Onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut uit 2001 laat zien dat zo'n 10 procent van de totale studentenpopulatie in het Nederlandse hoger onderwijs belemmeringen ondervindt op grond van een of meer functionele beperkingen. De voorgaande digitalisering van leeromgevingen in het hoger onderwijs kan kansen bieden om een verschuiving van drempels te bewerkstelligen. Maar er lijkt een tegenstelling te bestaan tussen het insluitend en uitsluitend potentieel van digitaal hoger onderwijs, een toegankelijkheidsparadox. Voor sommige functionele beperkingen is er sprake van verhoogde toegankelijkheid, voor andere evenwel van een verslechterde situatie.
Voor een belangrijk deel hebben we de toegankelijkheid van digitaal onderwijs zelf in handen. Er kunnen hierbij tal van technologische hulpmiddelen gebruikt worden, voor uiteenlopende vormen van beperkingen. Ook bevatten elektronische leeromgevingen en andere softwareproducten veelal specifieke functionaliteiten om de toegankelijkheid van digitaal onderwijs te vergroten. Er worden in het rapport zogeheten 'steekkaarten' aangeboden voor een aantal van deze applicaties: korte en bondige beschrijvingen van hun toegankelijkheidskenmerken.

 

Weinig profijt van beschikbare mogelijkheden

Maar gebruikers van deze software hebben vaak niet of nauwelijks profijt van de beschikbare mogelijkheden, zodat een grote groep studenten onvoldoende toegang krijgt. Dit heeft ondermeer te maken met de onbekendheid van het thema toegankelijkheid van digitaal onderwijs en de mythologie daaromheen (toegankelijke website zouden bijvoorbeeld saai zijn en geen lay-out kunnen bevatten).
Er is een verhoogd bewustzijn in het Nederlandse hoger onderwijs nodig over het thema toegankelijkheid, met een continue samenwerkingsactie van organisaties die structureel werken rond studenten met functionele beperkingen en/of rond elektronische leeromgevingen.

 

Fabels en richtlijnen

Het thema van deze SURF publicatie wordt ingeleid aan de hand van de eerder genoemde toegankelijkheidsparadox, het tegelijkertijd insluitend en uitsluitend potentieel van digitaal hoger onderwijs. Vervolgens worden enkele demografische achtergronden van de thematiek aan de orde gesteld.
In het hoofdstuk 'Functionele beperkingen, waar hebben we het over?' geven de auteurs een overzicht van enkele vormen van functionele beperkingen en per beperking de meest gangbare technologische hulpmiddelen.
In het volgende hoofdstuk passeren enkele fabels en misvattingen de revue, zowel met het oog op content ontwikkelaars als op ontwerpers van digitale leeromgevingen.
De zeven geboden van digitale toegankelijkheid staan beschreven in het laatste hoofdstuk. Dit is een reeks van eenvoudige richtlijnen. Ook worden enkele veel gebruikte standaardapplicaties en elektronische leeromgeving bekeken op hun toegankelijkheid bij digitaal onderwijs.