Een duurzame samenleving is een samenleving waarin overheid, maatschappelijk middenveld en individuele burgers samenwerken om te zorgen dat mensen niet buitengesloten worden en dat er een minimaal welzijnspeil gehandhaafd blijft. Actief burgerschap kan op vele manieren geconcretiseerd worden: als vrijwilligerswerk, mantelzorg, verantwoordelijke omgang met ecologische grondstoffen, in staat en bereid zijn aan een goede toekomst van volgende generaties te werken (ook voor degenen die niet je eigen kinderen zijn), verantwoordelijkheid willen en kunnen dragen voor verbetering van het welzijn van mensen in derde en vierde wereldlanden, enz. Actief burgerschap is een belangrijke pijler van een duurzame samenleving. Met de maatschappelijke stages wil de overheid actief burgerschap bevorderen. Het is de bedoeling van de MAS dat leerlingen in het VO ervaren (een beetje) hoe de samenleving buiten de school in elkaar zit en hoe zij een eigen bijdrage kunnen leveren en verantwoordelijkheid kunnen dragen voor welzijn van een ieder.
De overheid is heel optimistisch. Zij gaat ervan uit dat jongeren na het uitvoeren van een maatschappelijke stage ‘vanzelf’ wel enthousiast worden om zelf – buiten de MAS om - ook iets voor de samenleving te doen. Hoewel veel jongeren de MAS een leuke ervaring vinden, is het afbreukrisico van de MAS groot. Als jongeren een MAS lopen die helemaal niet bij hen past, taken krijgen waarbij zij zich vervelen of die veel te moeilijk voor hen zijn, of waar ze voortdurend afkeurend bekeken worden of waar de begeleiding te wensen overlaat, dan denken ze (terecht): voor mij nooit meer zoiets!
Het RAAK-programma
Jongeren kunnen door het uitvoeren van vrijwilligerswerk competenties ontwikkelen om (nu en later) als zelfstandige en verantwoordelijke burger bij te dragen aan de samenleving. Vrijwilligerswerk in de eigen leefomgeving (wijk, gemeente) levert waardering op en draagt bij aan sociale samenhang. Vrijwilligerswerk wordt ook wel gezien als een middel om het dreigende tekort aan dienstverleners in zorg en welzijn (door vergrijzing en ontgroening) en de kosten van de zorg enigszins terug te dringen. Het is dan ook een van de prestatievelden van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Werkzaamheden van welzijnswerk en verenigingen worden al vele decennia (mede) door vrijwilligers uitgevoerd. Zonder vrijwilligers kan veel werk niet worden verricht.
Een vraag die professionals en beleidsmakers bezig houdt is: hoe motiveren we hedendaagse jongeren voor het uitvoeren van vrijwilligerswerk? En hoe zorgen we ervoor dat ze gemotiveerd blijven? Om jongeren kennis te laten maken met vrijwillige dienstverlening aan de samenleving zijn sinds een aantal jaren maatschappelijke stages in het voortgezet onderwijs geïntroduceerd.
Leraren en welzijnswerkers vragen ondersteuning bij het benutten van de stages als kans om jongeren enthousiast te maken voor vrijwilligerswerk. Zij hebben behoefte aan concrete werkvormen en expertise om aan te sluiten bij de eigen drives van jongeren. Leraren willen beter in staat zijn om de instrumentele houding van jongeren om te zetten in gedrevenheid. Welzijnswerkers hebben behoefte aan een systeem, waardoor jongeren ook enthousiast blijven na afloop van de stages.
In ons RAAK onderzoek hebben wij een concreet doel gesteld: als 10 % van de jongeren na afloop van de stage bereid is om nu en ook later vrijwilligerswerk te blijven doen (het hoeft niet hetzelfde vw te zijn!) dan kunnen we zeggen dat de MAS op de betreffende scholen duurzaam is geweest.
Duurzaam wordt dus in een dubbele betekenis gebruikt:
om aan te duiden dat de MAS bedoeld is om (via actief burgerschap) een samenleving te bevorderen waarin burgers goed voor elkaar willen zorgen (dit wordt ook wel aangeduid met het begrip ‘sociale duurzaamheid’)
om aan te duiden dat de MAS pas geslaagd is als een deel van de jongeren ook na de MAS langdurig vrijwilligerswerk wil blijven doen.
Een duurzame stage is dus een stage die voorwaarden schept om leerlingen enthousiast te maken voor vrijwilligerswerk. Dat kan door een goede voorbereiding op school voordat de leerlingen stage gaan lopen, door een goede organisatie van de stages waarbij jongeren uit een groot aanbod kunnen kiezen en waarbij niet alle scholen tegelijk op dezelfde stageplekken afstormen, door een goede begeleiding door de stageaanbiedende organisatie, door het ‘puberproof’ maken van vrijwilligersclubs die MAS stagiaires ‘in dienst’ nemen en door een goede ‘nazorg’ waarbij jongeren bijvoorbeeld goed geïnformeerd blijven over mogelijk vrijwilligerswerk en zo af en toe ook eens extra waardering krijgen. Alles met het oog op het behoud van jongeren voor vrijwilligerswerk en de plezierige ervaring die het kan zijn om een ‘actief burger’ te zijn in deze samenleving.
In het kader van het Raakprogramma “duurzaam vrijwilligerswerk Jongeren” zijn een aantal producten ontwikkeld.
Hieronder vindt u de linken naar deze producten en aanverwante onderwerpen.