De kenniskring Evaluerend Handelen (Fontys OSO) ondersteunt jeugdzorginstelling De Combinatie te Eindhoven bij het expliciteren van een interventie die bestemd is voor jonge kinderen tussen 3 en 7 jaar. Deze interventie speelt zich af op het Snijvlak Onderwijs en Zorg (SNOZ). Het doel dat beide instellingen zich gesteld hebben is het beschrijven van de interventie volgens de criteria van het Nederland Jeugdinstituut (NJi). De werkzaamheden zijn in een vergevorderd stadium. Na de zomer van 2010 zal op grond van een eerste conceptbeschrijving feedback gevraagd worden aan het NJi. Bij de beschrijving van de interventie SNOZ wordt het zorgevaluatiemodel (Veerman) als kader gehanteerd. Dat stelt dat elke vorm van effectieve hulpverlening bestaat uit het uitvoeren van een bedoelde werkwijze bij een beoogde doelgroep met het oog op het bereiken van gewenste uitkomsten. Daarmee zijn de drie elementen van de inhoud van een interventie benoemd: doelgroep, werkwijze en uitkomst. Tegelijkertijd zullen uitspraken gedaan moeten worden over de context van noodzakelijke randvoorwaarden (personeel, communicatie, middelen, beleid) waarin de interventie zich afspeelt.
De interventie SNOZ heeft als doel het vroegtijdig signaleren en beïnvloeden van ontwikkelings- en gedragsproblemen bij schoolgaande, normaal begaafde kinderen in de leeftijd van 3 tot 7 jaar. Ze is gericht op de ouders en leerkrachten die hun handelingsverlegenheid in de omgang met en opvoeding van het kind hebben aangegeven. Ouders en leerkrachten hebben de intentie om als partners op te trekken in de aanpak van de door hen ervaren problematiek. De tijdsduur van het traject is ongeveer 3-4 maanden. SNOZ kan daarmee gekarakteriseerd worden als een kortdurende (preventief bedoelde) vroeg-interventie.
De kern van de interventie SNOZ bestaat uit het gebruik van videofeedback. De aanname is dat het bespreken van videobeelden de hulpvrager tot reflectie (bewustwording) brengt over het eigen handelen, waardoor (op termijn) een gedrags-of attitudeverandering tot stand komt. SNOZ is hierin mediator, de videobeelden zijn de katalysator. Het gezamenlijk naar de beelden kijken en die op relevante onderdelen bespreken leidt tot een gedeeld beeld over het gedrag of probleem van de leerling waarop verder gewerkt kan worden. De inhiberende en faciliterende interactie- en communicatiepatronen worden helder. Op grond hiervan kunnen nieuwe, effectievere interacties afgesproken of geoefend worden.
SNOZ zet video op meerdere momenten in, zowel in de klassen- als in de thuissituatie. De goede praktijken in de verschillende contexten worden met elkaar besproken. Hierbij zal bijvoorbeeld de leerkracht in zijn situatie een beeldsequentie kiezen waarin hij probeert de interactie zo goed mogelijk af te stemmen op de leerling. De ouders kunnen het resultaat daarvan zien. Zij zien het kind in de klassencontext, waarbij zij tevens de impact van het gedrag van hun kind op de omgeving kunnen waarnemen. Bovendien zien de ouders dat de leerkracht zich inzet voor het probleem waardoor de ouders zich serieus genomen voelen. Algemeen geformuleerd richt SNOZ zich op kinderen die moeite hebben om zich in een nieuwe schoolsituatie aan te passen. Zij vallen op in hun gedrag. De ouders en de leerkracht van dit kind ervaren opvoedingsverlegenheid. Door de thuis- en schoolcontext meer op elkaar af te stemmen, geïnspireerd door de gezamenlijke ontwikkeling van een gedeeld beeld, verloopt de transitie naar de nieuwe schoolsituatie vloeiender.
Om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit van de SNOZ interventie worden op dit moment gegevens verzameld. In de toekomst zal daartoe de dataverzameling nog explicieter moeten zijn, zowel waar het het gebruik van gerichte meetinstrumenten betreft als de systematische inzet daarvan bij de uitvoering van de interventie. Vooralsnog is met betrekking tot de context waarin de interventie zich afspeelt gesproken over de opleiding van degene die de interventie uitvoert. Gesteld is dat de ambulant begeleider SNOZ beschikt over een HBO Master niveau. Hij/zij heeft een Pabo-diploma basisonderwijs en is tevens geschoold in de jeugdhulpverlening. In beide sectoren is relevante werkervaring opgedaan. Bovendien heeft hij/zij een opleidingscertificaat (School) Video Interactie Begeleiding. Op dit moment wordt er naar gestreefd meer mensen die voldoen aan de geformuleerde eisen te interesseren voor de uitvoering van het traject.
Betrokken bij SNOZ zijn: vanuit de Kenniskring Evaluerend Handelen Anita Blonk en Luuk den Hartog; vanuit De Combinatie Carina Smolenaers en Pieter Jansen.